
|
|
Voorbij de marathon,
16 april 2005, na een eerdere gestrande poging (blessure) mijn tweede start op de 50 km. Twee weken na een marathon, met ingetapete tenen. De starttijd, 10.00 uur, is voor mij prima, het weer is met zo’n 14 graden en lichte bewolking ook redelijk te noemen, alleen de noordenwind is iets te hard. Samen met 19 andere mannen gaan we om exact 10.00 uur van start, één van de “bijnummers” van de 100 km van Diever is begonnen.
Na maanden van voorbereiding is dit een testtussenstation voor de finale in september, gaat het hier goed dan denk ik op de juiste route te zijn voor de Run van Winschoten.
Hier moet blijken of alle info goed verwerkt is en ook nog eens werkt voor deze loper. Zijn de trainingen goed, schat ik mijn duurlooptempo’s goed in etc.
Sinds september 2004 loop ik zeer regelmatig mee met de Loopgroep Marsdijk. Een reden is het gegeven dat een loper alleen niet snel het noodzakelijke snelheid- en krachtwerk doet, tevens waren wij net nieuw in de wijk en bezig een nieuw sociaal netwerk op te bouwen. Daarnaast, het is een heel gezellige groep, zowel de dinsdag als de donderdag.
Maar goed, Diever, de start, nu gaat het beginnen, al gauw blijkt dat elke kilometer op het parcours (5 km.) is aangegeven, waardoor het tempo dubbel gecontroleerd kan worden. Zoals zoveel ultralopers loop ik op hartslag, maar is het altijd prettig je gemiddelde snelheid te weten.
Daarnaast, ik heb wel veel kennis, maar nog niet zoveel ervaring, ik ben per slot van rekening nieuw op deze discipline.
De eerste kilometer ligt de hartslag te hoog en de snelheid te laag, toch nerveus? Het antwoord, natuurlijk, onbekend parcours en je moet toch proberen snel in je ritme te komen.
Na de eerste doorkomst, 28 min en een beetje, is alles als gehoopt, hartslag rond de 140 bpm, kilometertijd net boven de 5 min. Ook de tweede ronde gaat in hetzelfde strakke tempo, en ik verkeer in een klein, gezellig groepje. Derde ronde inclusief sanitaire stop, zelfde ritme.
Zo gaat het rustig verder, elke 10 km ruim een halve liter vocht en een strak ritme.
Doorkomst halve marathon gaat net onder de twee uur, maar het tempo blijft strak.
Eigenlijk gaat alles goed op één ding na, het groepje valt uiteen en ik kom alleen te zitten. Nu moet blijken of al die lange duurlopen zich vertalen in hetzelfde strakke tempo en de macht om door te gaan. Tot kilometer 40 loop ik alleen, wel lopers voor en achter en zo nu en dan loop ik zelfs voorgangers voorbij. Nu zijn de mannen van de 100 km twee uur voor ons vertrokken dus die zal ik (logisch) wel inhalen, want gezien de afstand zijn ze iets langzamer(!). Nog een stop om te plassen en zonder moeite terug in m’n ritme.
Zowel op hartslag als op tempo blijft het (gelukkig) goed gaan en op km 40 raak ik in het gezelschap van een Duitse loper. Doorkomst marathon gaat in 3:58. Dit gaat heel strak. We raken in gesprek, en al gauw blijkt dat mijn metgezel onderweg is op de 100 km , in nagenoeg hetzelfde tempo als ondergetekende. Rustig lopen en praten we verder, ondertussen passeren we ook de 45 km-grens. Op de streep krijg ik te horen dat ik me bevindt op de vierde plaats (!), en dat nummer drie niet ver weg is. Achteraf zal zelfs blijken dat ik hem in het zicht had, maar ook op 50 km. geldt: afstand is relatief.
Ook mijn Duitse metgezel krijgt het bericht mee, en adviseert me rustig te blijven, ook omdat ik nu toch wel wat last van mijn benen krijg. Omdat zijn gezelschap me erg goed bevalt, en ik me niet op de laatste kilometers wil stuklopen volg ik zijn raad op en blijf bij hem.Nog 4 km, hartslag loopt iets op, tempo blijft mooi dankzij metgezel. Nog 3 km, wind in de rug, dit gaat lukken, nog 2 km, de voegers links zijn klaar, nog 1 km, je kunt de finish zien liggen. Op de laatste 250 meter zegt mijn metgezel dat ik kan versnellen, we wensen elkaar succes en nog heel even los. De finish van mijn eerste officiële 50 km, vierde plaats in een tijd van 4h43m58s., een droomdebuut.
Achteraf zal blijken dat tussen mijn snelste en langzaamste ronde geen 3 min. tijdsverschil zit ondanks gedwongen pauze’s voor wisselen van bidon en plaspauze’s.
Kortom dit smaakt naar meer (en verder).
Uiteraard ontkom ook ik niet aan het bekende cliché, maar ik ben in de eerste plaats mijn vrouw en dochter natuurlijk zeer dankbaar dat ze me hiervoor de noodzakelijke tijd en ruimte geven, en op tweede plaats natuurlijk een ieder die me met raad en daad steeds weer bijstaat.
En nu? Op naar Winschoten natuurlijk, en in gedachten een door Ron Teunisse (een groot en nog steeds actief ultraloper) gememoreerd gedicht mee:
Mohikaan
de reiziger
laat zijn duizenden
kilometers lachen
de krijger jaagt
zijn dolende ziel na
zoekend naar
zijn kracht om
de dood te vermoorden
lijdend . Strijdend
tegen het verval
de tijd verdoemend
zich rusteloos afvragend
waarom
laat hij stap voor stap
zijn onsterfelijk spoor na.
Ron Teunisse 1997
Robert Wielinga
Heb je wedstrijdverslag geef dit dan door aan
Leen :
l.kazemier@planet.nl |
Hieronder vind je een aantal 'google'
links. Door gebruik te maken van deze links
(klikken is voldoende)
sponsor je de loopgroep.
|
|